Wat zien we?
In 2020 werd er 3 909 kton organisch afval gescheiden opgehaald. Het grootste deel daarvan bestond uit organisch-biologisch afval of OBA (41%). Het gewicht van de organische reststroom is afhankelijk van het seizoen en in het bijzonder van de weersomstandigheden in een bepaald jaar. Verder zien we een duidelijke toename is de ophaling van OBA en mest, terwijl de andere fracties stabiel blijven.
Waar willen we naartoe?
In een circulaire economie proberen we de hoeveelheid afval zoveel mogelijk te beperken. Dat kan in de eerste plaats door restafval te vermijden door producten maximaal te gebruiken en door daarna, wanneer de reststromen niet te vermijden zijn, het afval optimaal te valoriseren. Het watervalmodel voor waardebehoud fungeert daarbij als richtsnoer voor de valorisatie van organische reststromen uit de voedselketen.
Selectieve afvalophaling vormt in een circulaire economie een sleutelelement om afvalstromen te kunnen gebruiken als secundaire grondstof. We verwachten dat de nieuwe sorteervereisten onder VLAREMA er in de komende jaren zullen voor zorgen dat er meer organisch afval gescheiden wordt opgehaald.
Wat meet deze indicator?
Deze indicator toont aan wat er gebeurt wanneer voedselafval in de organische afvalstroom terecht komt. Reststromen van onder meer voedselverwerking die rechtstreeks doorschuiven naar valorisatieprocessen zijn niet in deze cijfers opgenomen. Het voedselafval van Vlaamse gezinnen wordt gescheiden opgehaald als onderdeel van het gft-afval (groente- fruit en tuinafval), organisch afval van bedrijven wordt opgehaald als OBA. Beide worden daarna samen met de andere organische fracties overgebracht naar composterings- en vergistingsinstallaties. De gegevens voor deze indicator werden aangeleverd door Vlaco en OVAM.