Wat zien we?
De gemiddelde nitraatconcentratie in het oppervlaktewater van landbouwgebieden in het Vlaamse Gewest bedroeg 16,1 mg per liter tijdens het winterseizoen 2024-2025. Hiermee wordt de dalende trend die sinds het winterseizoen 2019-2020 zichtbaar is, verdergezet.
De nitraatconcentratie overschreed de drempelwaarde in 11,5% van de meetplaatsen, het laagste percentage sinds de start van de metingen. In het daaropvolgende winterseizoen 2025-2026 werd de drempelwaarde overschreden in 22,1% van de meetplaatsen.
Het percentage meetplaatsen in landbouwgebied waar de fosfaatnorm wordt overschreden bedroeg 52% in het winterjaar 2024-2025. Dit is het laagste aandeel sinds de start van de metingen in 2002-2003. Sinds 2015-2016 is een geleidelijke verbetering zichtbaar: het aandeel meetplaatsen dat voldoet aan de milieukwaliteitsnorm (de kwaliteitsklassen goed en zeer goed) neemt langzaam toe, terwijl het aandeel meetplaatsen met een slechte beoordeling daalde van 34% in 2015-2016 tot iets boven 20% in de meest recente jaren. De verbetering die tussen 2015-2016 en 2021-2022 werd waargenomen, hangt mogelijk samen met de stelselmatige verstrenging van de fosfaatbemestingsnormen. Deze positieve evolutie zette zich echter niet verder door in de winterjaren 2022-2023 en 2023-2024. Mogelijke verklaringen zijn de wateroverlast tijdens de winter van 2023-2024 en de droogteperiodes in eerdere jaren, waardoor sommige meetplaatsen droogvielen en de meetresultaten werden beïnvloed.
Waar willen we naartoe?
In een circulair model streven we naar het zoveel mogelijk vermijden van lekstromen: dit beperkt de vraag naar nieuwe input en voorkomt schade aan het milieu. Overtollige hoeveelheden nitraat en fosfaat in de bodem leiden tot eutrofiëring van het water. Het gevolg daarvan is niet alleen een verstoring van het ecosysteem maar ook een negatieve impact op ons drinkwater. De hoeveelheden hangen samen met de manier waarop we ons voedsel produceren, denk bijvoorbeeld aan teeltkeuzes en bemesting. Evenwel is ook het weer een sterk bepalende factor: tijdens langdurige droogteperiodes neemt de aanwezigheid van nitraat en fosfaat in de bodem toe omdat gewassen er dan minder van opnemen. Binnen de opeenvolgende mestactieplannen zijn er een aantal doelstellingen opgenomen voor de concentraties aan meststoffen. Voor fosfaat is ook de historiek van fosfaatbemesting een sterk bepalende factor.